Er is gelukkig nog een positievere vertaling van de zegen van Jacob aan Zebulun mogelijk dan het voorgaande, dat zich als visioen meer op de nabije toekomst richtte. Het volgende ziet vooral naar ons verleden, ook al kan ons land ook en juist in de toekomst voor vreemden een nieuw toevluchtsoord worden, àls het licht hier centraal woont.
Dit is de titel van hoofdstuk negen in een uitstekend boek van Charles Wilson over de Republiek der Verenigde Nederlanden in de 17e eeuw? (Dit is niet de 19e eeuwse John Wilson uit Cambridge, die als eerste een vergelijking trok tussen Zebulun en Nederland, maar Charles Wilson, huidige lector in nieuwe geschiedenis, eveneens te Cambridge.)
Professor Ch. Wilson wijdt een hoofdstuk aan de vervolgden om wille van hun godsdienst, die in die dagen uit vele
landen onderdak vonden in de Republiek:
,,Verreweg de grootste groep waren Vlamingen of Walloniers uit her zuiden, maar zij waren zeker niet de enige in het oog lopende nieuwelingen. Duitsers, Scandinaviërs, Fransen, Engelsen, Schotten, Joden, ja zelfs Armeniers en Turken voegden zich bij hen.
De grote steden waren cosmopolitisch op een wijze, die uniek was voor de 17e eeuwse
wereld. Bijna alle immigranten uit den vreemde kwamen op zoek naar een vrij zijn van vervolging, of het nu grote handelaren uit Antwerpen, geschoolde textiel-arbeiders uit Yperen, of geleerden uit Frankrijk en Engeland
waren".(Charles Wilson, The Dutch Republic, pag. 165, uitg. World University Library, London 1968.)
Onder deze geleerden waren Rene Descartes, Baruch de Spinoza, John Locke om maar een paar te
noemen. Velen waren Hugenoten, die na de Bartholomeusnacht (1572) bij duizenden naar de Protestantse Republiek stroomden.
Menige landgenoot kan zijn afstamming nog op deze vluchtelingen terugvoeren.
De bekende Mayflower-groep, die in 1620 naar Amerika zeilde, trok voordien eerst naar Amsterdam en vandaar naar Leiden onder hun herder John Robinson. Zij genoten gedurende vele jaren in Nederland bescherming.
Spinoza was een Jood. Holland is altijd een ,,haven" voor Joden geweest. In de 15e en 16e eeuw vluchtten duizenden Sefardische Joden uit Spanje naar de Nederlanden. Ze vestigden zich voornamelijk in Amsterdam, dat tot de oorlog en voor de oprichting van de Staat Israël bekend was als ,,Mokum", dat betekent (goede) plaats, of ,,Jeruzalem van het Noorden". Namen als Cohen, de Levita, Jessurun, de Pinto zijn ons allen bekend als eeuwenlang gerespecteerde families. Zij hebben de Nederlandse cultuur verrijkt. Hun talent voor zilversmeedwerk, diamantslijpen, medicijnen, muziek, Hebreeuws was groot en kon rustig opbloeien in Holland.
Toen de Bijbel (Statenvertaling) omstreeks 1620 door de Synode werd aangevat, werden ze bijgestaan door
Sefardische Joden. Rembrandt vond zijn modellen voor zijn Bijbelse figuren in de Jodenbreestraat.
In later eeuwen vonden ook Ashkenazische Joden in Nederland een toevluchtsoord, waar ze ontsnapten aan hun bitter lot uit Rusland, Polen, Duitsland, totdat het
Hitler-regime in de 2e wereldoorlog ook 90.000 van onze Nederlandse Joden naar de gaskamers bracht (De
precieze feiten bevinden zich in het Centraal Bureau voor Oorlogsdocumentatie).
Waar het hier tevens om gaat is, dat de Joden in ons land nooit in ghetto's leefden, zoals in andere Europese landen, waar ze van regeringswege apart moesten wonen. Noemden Amsterdammers sommige wijken hun "ghetto", dan was dit altijd een samenwonen op basis van vrijwilligheid. De Joden waren vrij en veilig in ons land. Is dit een teken van Zebulun, die achter de banier van Juda marcheert?
De opstelling van het leger van Israël, dat niet alleen voor de verleden tijd, maar ook voor de komende een symbool en een feit is, wordt hier niet nader uitgewerkt. Men leze Numeri 10:14-17, waarin de tabernakel achter Zebulun gedragen wordt.